November slachtmaand
(Het vee was in november genoeg vetgemest en kon geslacht worden zodat men nog de hele winter proviand had.)
Weerspreuken
♦
| 1 november | Geeft Allerheiligen zonneschijn, dan zal 't spoedig winter zijn. |
| 2 november | Sneeuw op Allerzielen, voorspelt een zacht voorjaar. |
| 3 november | Wie houdt van wind, november bemint. |
| 4 november | De elfde maand van 't jaar, bij 't vuur brengt al te gaar. |
| 5 november | November heeft maar dertig dagen, maar dubbel wind en regenvlagen. |
| 6 november | Houden de bomen hun bladeren lang, wees voor een strenge winter bang. |
| 7 november | November heeft op de loer gelegen, en komt tevoorschijn met veel regen. |
| 8 november | In november kom je tegen, harde wind en fikse regen. |
| 9 november | November warm en fijn, het zal een strenge winter zijn. |
| 10 november | Een zuidenwind op de dag voor St. Martijn, dan zal het een zachte winter zijn. |
| 11 november | Is er een donkere lucht op St. Martijn, zo zal het een zachte winter zijn. |
| 12 november | Als 't in november 's morgens broeit, wis dat de storm 's avonds loeit. |
| 13 november | Vertoont november zich met snee, 't zal vruchtbaar zijn ook voor 't vee. |
| 14 november | Brengt ons de late herfst neveldagen, dan zal de sneeuw ons 's winters plagen. |
| 15 november | Leopoldus die goed weder vindt, blijft dat dagen goed gezind. |
| 16 november | In november hard begin, in de winter zoet gewin. |
| 17 november | Volgt de eerste sneeuw op regen, dat houdt een harde winter tegen. |
| 18 november | Zwaait de winter in november al zijn staf, zijn rijk vindt snel een graf. |
| 19 november | St. Elisabeth doet ons verstaan, hoe de winter zal vergaan. |
| 20 november | Brengt het najaar helder weer, 't zal des winters stormen op het meer. |
| 21 november | Maria's opdracht klaar en hel, maakt de winter streng en fel. |
| 22 november | De dag aan St. Cecilia gewijd, is de maatstaf voor de wintertijd. |
| 23 november | Wintert 't op St. Clemens fel, wordt de lente klaar en fel. |
| 24 november | Is de hemel al te blauw, spoedig wordt hij dan weer grauw. |
| 25 november | Vriest het op St. Katrien, dan vriest het nog 6 weken nadien. |
| 26 november | Onweer laat in het jaar, vorst is nog niet klaar. |
| 27 november | Sint Achuit doet het zaaikleed uit. |
| 28 november | Rijp aan boom en plant, houdt geen drie dagen stand. |
| 29 november | IJs op de dag van Saturijn, het weer maakt daarna korte mette met dit venijn. |
| 30 november | November met zijn regenvlagen, brengt verkoudheid, jicht en andere plagen. |
♦
Gedicht
Gij blaren, rust in vee,
't zal geen een verloren,
geen een te kwiste gaan
voor altijd: herboren
die dood nu zijt,
zal elk van u, dat viel,
de zonne weer ontwekken,
zal met uwen groenen dracht
de groene bomen dekken
te zomertijd.
Guido Gezelle
♦
Gedicht
November
Het regent en het is november,
Weer keert het najaar en belaagt
Het hart, dat droef, maar steeds gewender,
Zijn heimelijke pijnen draagt.
En in de kamer, waar gelaten
Het daaglijks leven wordt verricht,
Schijnt uit de troosteloze straten
Een ongekleurd namiddaglicht.
De jaren gaan zoals zij gingen,
Er is allengs geen onderscheid
Meer tussen dove erinneringen
En wat geleefd wordt en verbeid.
Verloren zijn de prille wegen
Om te ontkomen aan de tijd;
Altijd november, altijd regen,
Altijd dit lege hart, altijd.
J.C. Bloem
![]()